Beschrijving
De bijbelse doop
In Nederland komt een toenemend aantal mensen tot bekering en weder-geboorte. Deze, veelal oprecht Godvrezende kerkleden, worden door Gods Geest bepaald bij de geloofsdoop en zijvragen zich dan af, wat de betekenis is geweest van hun (kinder-) doop als inlijvingshandeling in de kerk. Onder hen zijn er die zich in een geloofsgemeenschap laten dopen en vervolgens hun kerk verlaten.De kerk als instituut ziet dit laatste met lede ogen gebeuren.De kerkleiders zoeken naar antwoorden op vragen van gemeenteleden, die beseffen dat zij t.a.v. wezenlijke geloofszakennauwelijks of geen onderwijs, in overeenstemming met de Schrift, hebben ontvangen.Het is tragisch te constateren dat dit zoeken meestal ook niet terugvoert naar de Bijbel. De gesprekken beperken zich voornamelijk tot oppervlakkige discussies over ruimte die de kerk zou moeten bieden voor ‘vernieuwing’, ‘bevestiging’ ‘beleving’ van de kinderdoop in een of ander ‘ritueel’. De kerken handhaven hun belijdenisgeschriften.We hebben getracht de uitspraken over de (kinder-)doopzoals deze zijn te lezen in het doopformulier en de catechismus te plaatsen in Bijbels licht.Daarbij spreken we niet van ‘volwassendoop’, nog minder van ‘overdoop’ of ‘herdoop’, termen die door gevestigde kerken gebezigd worden in hun verdediging dat de doop “eenmalig” zou zijn. Schriftuurlijk gezien is de enige correcte benaming “de Bijbelse doop”, d.w.z de doop, die iemand ondergaat, ná dat hij of zij tot bekering en wedergeboorte is gekomen.In deze uitgave wordt de Bijbelvertaling van het NederlandsBijbelgenootschap (1951), de NBG vertaling geciteerd.
Zie voor verdere TOELICHTING ook de EDITIEPAGINA van het boek !
| Auteur: | Stichting Sjofar |
| ISBNr: | — geen — |





