Beschrijving
Drieënveertig overdenkingen van een gereformeerd predikant (1895-1956)
De profeet Hosea mocht vele jaren in het “Tienstammenrijk” van ongeveer 809 v.C. tot ong. 721 v.C. leven.
Van de man zelf weten we bijna niets, hij was de zoon van de eveneens onbekende Beëri. Volgens sommigen kwam hij uit een priesterlijk geslacht, volgens anderen kwam hij uit een boerenfamilie, omdat hij in zijn beeldspraak zo goed op de hoogte blijkt te zijn met het landbouwleven. Beide zijn veronderstellingen die niet bewezen kunnen worden.
Betreffende zijn huwelijk weten we dat hij met een zekere Gomer, een dochter van Diblaïm trouwde en dat er in dit huwelijk drie kinderen zijn geboren. Uit de eerste hoofdstukken van het boek Hosea blijkt dat dit huwelijk zeer slecht was omdat Gomer een vrouw van lichte zeden was. De twee jongste kinderen waren zeer waarschijnlijk niet van Hosea maar van andere onbekende mannen met wie zij vreemdging.
Zijn prediking bevatte enerzijds scherpe bestraffingen en veelvoudige vermaningen vanwege Israëls diep verval. Hij profeteerde de verwoesting en ondergang van het rijk, alsmede de wegvoering van het volk naar Assyrië. Anderzijds nodigde hij hartelijk en indringend tot oprechte en tijdige bekering. Tot boetvaardigen en gelovigen sprak hij woorden van troost met betrekking tot Gods beloften van genade in Christus.
Zie voor verdere TOELICHTING ook de ACHTERZIJDE van het boek !
| Auteur: | Ds. H. Veldkamp |
| ISBN: | – – geen – – ( |




